
Sociaal Domein Stein in 2025
- Afbeeldingen ©: rawpixel.com
Minder Wmo-gebruik, maar jeugdzorg blijft complex en kostbaar
Het sociaal domein omvat onder meer Wmo, jeugdzorg, participatie, schuldhulpverlening en leerlingenvervoer en dat totaalplaatje laat in de gemeente Stein over 2025 een gemengd beeld zien. Het gebruik van verschillende Wmo-voorzieningen nam licht af en financieel bleef daar geld over. Tegelijkertijd blijft vooral de jeugdzorg een aandachtspunt: het aantal jongeren in zorg daalde iets, maar de problematiek wordt complexer. Ook het aantal meldingen bij Veilig Thuis nam eind 2025 toe.
Minder Wmo-voorzieningen
Onder WMO vallen onder meer huishoudelijke hulp, begeleiding, dagbesteding, vervoer, rolstoelen en woningaanpassingen. Aan het einde van 2025 telde Stein 3.214 verstrekte Wmo-voorzieningen, tegenover 3.262 in het eerste kwartaal. Het gaat hierbij niet om 3.214 verschillende inwoners: iemand kan meerdere voorzieningen tegelijk ontvangen en wordt dan meerdere keren meegeteld.
De grootste categorie blijft huishoudelijke ondersteuning. Eind 2025 maakten 936 inwoners hiervan gebruik. Daarnaast waren er onder meer 222 gebruikers van begeleiding, 109 van dagbesteding en 739 van collectief vervoer.
Financieel pakte de Wmo voor de gemeente gunstiger uit dan geraamd. Er bleef ongeveer 227.000 euro over. Dat kwam vooral doordat minder geld nodig was voor woningaanpassingen en doordat begeleiding en dagbesteding goedkoper uitvielen dan begroot.
Daarbij waarschuwt de gemeente wel dat aantallen niet alles zeggen. Minder cliënten kan bijvoorbeeld samengaan met zwaardere en duurdere zorg. Bovendien is de vraag naar Wmo-voorzieningen moeilijk vooraf te voorspellen.
Jeugdzorg: iets minder jongeren, maar zwaardere problemen
Eind 2025 ontvingen 490 jongeren in Stein ondersteuning of zorg vanuit de Jeugdwet. Dat komt overeen met 13,6 procent van de 3.604 inwoners onder de 18 jaar. Dat percentage ligt ongeveer op het landelijke niveau: volgens voorlopige cijfers van het CBS kreeg in 2025 circa 14 procent van de Nederlandse minderjarigen jeugdhulp.
Het aantal nam gedurende het jaar iets af, maar daar staat tegenover dat de gemeente steeds vaker met ingewikkelde situaties te maken krijgt. Ook omliggende gemeenten, Bureau Jeugdzorg en Crisis Hulp Jeugd Zuid-Limburg herkennen die ontwikkeling. Complexere zaken vragen meer tijd en inzet van de klantmanagers Jeugd.
Opvallend is daarnaast de stijging bij Veilig Thuis. In het laatste kwartaal (Q4) van 2025 kwamen 44 meldingen binnen, tegenover 32 in Q3, 27 in Q2 en 34 in Q1. Van de 44 meldingen in het laatste kwartaal waren er 38 afkomstig van de politie.
De jeugdhulp kostte Stein in 2025 in totaal ongeveer 7,94 miljoen euro. Ondanks een tussentijdse verhoging van het budget met 890.000 euro resteerde aan het einde van het jaar een tekort van circa 27.500 euro. Vooral behandeling was duurder dan begroot, terwijl bij jeugdbegeleiding geld overbleef.
Meer schuldhulp en leerlingenvervoer
Het aantal actieve schuldhulptrajecten steeg van 25 in het eerste kwartaal naar 34 eind 2025. Bij budgetbeheer bleef het aantal actieve trajecten stabiel op 43.
Ook het leerlingenvervoer nam toe. Eind 2025 maakten 144 leerlingen hiervan gebruik, tegen 106 in het eerste kwartaal.
307 inwoners met bijstandsuitkering
Eind 2025 ontvingen 307 inwoners van Stein een bijstandsuitkering, tegenover 302 een jaar eerder. Gedurende het jaar stroomden 69 mensen in en 64 uit. Verhuizing speelde daarbij een belangrijke rol. Twaalf inwoners stroomden uit naar werk.
Voor participatie werd per saldo minder uitgegeven dan begroot, maar op de rijksbijdrage voor onder meer bijstand ontstond een tekort van ruim 344.000 euro. Een groot deel daarvan is opgevangen uit een gemeentelijke reserve.
Vidar: doelgroep wordt complexer
Vidar ziet dat inwoners die ondersteuning nodig hebben steeds vaker met meerdere problemen tegelijk kampen. Daardoor is meer intensieve begeleiding nodig richting werk en participatie. Eind 2025 volgden 155 inwoners uit Stein een traject naar arbeidsvermogen.
+ RIB Sociaal Domein 2025 aan Gemeenteraad Stein 01.09.2026 ⇢
Gemeenten scherpen toezicht op Wmo verder aan
01.07.2026
De gemeenten Sittard-Geleen, Beek en Stein gaan het toezicht op de WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning) verder professionaliseren. Dat blijkt uit nieuwe plannen die in februari 2026 zijn vastgesteld en op 31 maart 2026 als RaadsInformatieBrief (RIB) aan de gemeenteraden van voornoemde gemeenteraden zijn aangeboden.
Het doel is helder: inwoners moeten goede ondersteuning krijgen en publiek geld moet eerlijk en doelmatig worden besteed.
Volgens de gemeenten wordt goed toezicht steeds belangrijker. De bevolking vergrijst, het aantal mantelzorgers neemt af en de kosten van zorg blijven stijgen. Tegelijkertijd groeit landelijk de aandacht voor zorgfraude. Daardoor is het belangrijk dat gemeenschapsgeld op de juiste manier wordt besteed en inwoners de ondersteuning krijgen waarop zij recht hebben. Ruim 11.800 inwoners maken binnen de drie gemeenten gebruik van een Wmo-voorziening. Hiervoor wordt samengewerkt met tientallen zorgaanbieders, leveranciers en onderaannemers. Hieronder een korte samenvatting. Waarom is dit nodig? Veel mensen krijgen thuis hulp via de Wmo: denk aan huishoudelijke hulp, begeleiding of dagbesteding. De gemeente betaalt daarvoor. Maar of die hulp ook echt goed wordt gegeven en eerlijk wordt gedeclareerd, moeten de gemeenten zelf in de gaten houden. Dat deden de drie gemeenten tot nu toe elk op hun eigen manier. Voortaan doen ze het samen, met dezelfde aanpak en dezelfde regels. Hoe gaat de controle werken? 1. Controleurs gaan bij zorgorganisaties langs om uit te leggen wat er van hen wordt verwacht. Wat gebeurt er als een zorgorganisatie de regels overtreedt? De gemeenten maken onderscheid tussen een eerlijke fout en bewust bedrog. Bij een fout krijgt de organisatie eerst de kans om dat te herstellen, bijvoorbeeld via een gesprek of een schriftelijke waarschuwing. Wordt er niet verbeterd — of is er sprake van fraude — dan worden zwaardere stappen gezet. Denk aan een boete, een verbod om nieuwe cliënten aan te nemen, het opzeggen van het contract, of aangifte bij de politie. Geld dat onterecht is gedeclareerd, moet worden terugbetaald. Mensen die zelf hun zorg inkopen met een zogeheten persoonsgebonden budget (pgb) vallen ook onder dit toezicht. Terugvordering van pgb-geld is op dit moment alleen mogelijk als zowel de inwoner als de zorgverlener bewust hebben gefraudeerd. De landelijke overheid werkt aan een wetswijziging om dat makkelijker te maken. Wie neemt de beslissingen? De controleurs kunnen zelf kleine maatregelen nemen, zoals een gesprek of een waarschuwing. Zwaardere straffen — zoals een boete of het opzeggen van een contract — beslist het college van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen, namens alle drie de gemeenten. Bij de zwaarste maatregelen is altijd de verantwoordelijk wethouder betrokken. Wat merken inwoners ervan? De uitkomsten van onderzoeken worden zoveel mogelijk openbaar gemaakt op de gemeentelijke websites. Ook verschijnt er elk jaar een openbaar verslag van wat de controleurs hebben gedaan en gevonden. Inwoners die twijfelen aan de kwaliteit van hun zorg, kunnen dat melden bij het gemeentelijke meldpunt. Kort samengevat: De drie gemeenten zetten een duidelijke stap naar strenger en slimmer toezicht op de Wmo. De focus ligt op voorkomen waar het kan, en ingrijpen waar het moet. De rode draad: eerst verbeteren, maar bij misbruik volgt uiteindelijk een stevige aanpak. + Jaarplan WMO Toezicht 18.06.2026 ⇢ + RIB en bijlagen over WMO 31.03.2026 ⇢ {slider=LEES EERDERE ARTIKELEN OVER WMO} 27.02.2025 Er zijn gemeenten in Nederland die aanvullende voorwaarden stellen aan ouderen die huishoudelijke hulp vragen in het kader van de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning) In de regel is de drijfveer het besparen van kosten. Gemeenten krijgen minder geld van de overheid, vooral vanaf 2026, wat de situatie kan verergeren. In de toekomst zou het zelfs kunnen gebeuren dat mensen om hulp te krijgen, moeten bewijzen hoe actief ze zijn op andere gebieden van hun leven. Zo heeft de gemeenteraad van Landgraaf onlangs besloten dat ouderen die huishoudelijke hulp aanvragen, eerst verplicht naar de fitness moeten. Het idee erachter is dat ouderen door te sporten weer in staat zouden zijn om zelf hun huis (deels) schoon te maken. Bijvoorbeeld door zelf te stofzuigen. Het systeem rondom de Wmo is soms niet eerlijk. Zo kan iemand met veel geld toch huishoudelijke hulp krijgen van de gemeente, terwijl een arme oudere met enkel AOW en een klein pensioen de eigen bijdrage van 21 euro per maand misschien niet kan betalen. De wet kijkt niet naar het inkomen van de aanvrager, wat soms voor vreemde situaties zorgt. De wet zegt dat gemeenten hulp moeten bieden als iemand niet goed voor zichzelf kan zorgen en geen hulp van anderen kan krijgen. Daarmee lijkt de Wmo eigenlijk vooral gericht te zijn op mensen met weinig middelen, niet op rijke mensen. Want die hebben in de regel een netwerk én voldoende middelen waarmee ze hulp kunnen organiseren én uit eigen beurs te betalen. Die hebben ook vaak hun hele leven al een schoonmaakster gehad, maar zodra fysieke problemen op oudere leeftijd de kop opsteken, mag de gemeenschap gaan meebetalen. + Website gemeente Stein over Wmo ⇢ + Artikel over Wmo, hoogleraar Wim Groot juli 2020 ⇢ Update 18.12.2024 | samenvatting Tijdens de begrotingsvergadering van 2021 is de motie 'Doorlooptijden Wmo' aangenomen. Deze vroeg om inzicht in de doorlooptijden van Wmo-voorzieningen en voorstellen om deze te verkorten. De gemeente Stein heeft maatregelen genomen, zoals procesoptimalisatie en het inzetten van een screener voor urgentie-inschattingen. Huisbezoeken blijven belangrijk om hulpvragen goed te beoordelen. Ook wordt er samengewerkt tussen afdelingen om integrale oplossingen te bieden bij complexe situaties. De Omgekeerde Toets, een aanpak die focust op de behoeften van de burger, is onderzocht. Hoewel deze aanpak meer maatwerk mogelijk maakt, vraagt volledige invoering grote organisatorische aanpassingen, extra scholing en nieuwe structuren. Door factoren als personeelstekorten en landelijke ontwikkelingen blijft dit moeilijk uitvoerbaar. De motie wordt niet uitgevoerd, maar de gemeente blijft werken aan verbeteringen in het Wmo-proces, met prioriteit voor snelle en passende zorg voor inwoners. + RaadsInformatieBrief (RIB) 17.12.2024 over Wmo Doorlooptijden ⇢ Update 13.09.2021 De Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) zorgt ervoor dat inwoners zolang mogelijk zelfstandig kunnen wonen in hun eigen omgeving en kunnen meedoen in de maatschappij. De gemeente kan hier op allerlei wijze ondersteuning bij bieden. Dit kan bijvoorbeeld door het verlenen van voorzieningen, maar ook in de vorm van het ondersteunen van vrijwilligers en mantelzorgers. De meeste gemeentes kampen met een achterstand bij de afhandeling van Wmo-aanvragen, zo ook in Stein. De wettelijke termijn tot een eerste afspraak is vastgesteld op 6 weken. In Stein moet je nu 9 weken wachten op je eerste gesprek. De achterstand is te wijten aan een gigantische toename van de vraag naar zorg. Er is steeds meer vraag naar Jeugdzorg en die zorg wordt ook nog eens steeds duurder. De vergrijzing neemt toe en daardoor het beroep op de Wmo. Daarbij was tot 2019 de toekenning van Maatwerkdienstverlening afhankelijk van je inkomen, sindsdien is dat principe overboord gegooid waardoor met name ook ouderen met een fatsoenlijk pensioeninkomen een beroep op Wmo-huishoudelijke hulp kunnen doen, als zij tenminste aan de indicaties voldoen. Tegenwoordig wordt afgerekend in een abonnementssysteem. De eigen bijdrage is maximaal 19 euro per maand. En voor dat geld kun je geen zwartbetaalde poetshulp krijgen... Meer info over Wmo op website gemeente Stein >> Artikel van 07.11.2020 Na jarenlang op royale voet geleefd te hebben, moet de gemeente Stein nu de buikriem gaan aantrekken en flink gaan bezuinigen. Rapen gaar In eerste instantie werd de gemeentebijdrage van de overheid verhoogd, maar je kon op je vingers uittellen dat dit niet zo zou blijven. Sociaal gezicht gemeente Stein blijft Pas in mei 2020 kwam de onvoorziene kostenstijging aan het licht en moest er halsoverkop actie genomen worden. De raadsfracties mochten allemaal vijf onderdelen noemen waarop bezuinigd mocht worden en vijf waarop absoluut niet. Gouden randjes zijn taboe Zij besluit met "Ons spaarvarken is bij de dokter geweest en kan er weer wat jaren tegenaan".... Nou belastingbetaler, u weet wat u te wachten staat... Wet is wet Wim Groot, hoogleraar gezondheidseconomie Universiteit Maastricht, legt in dit artikel op Zorgvisie.nl de vinger op de zere plek. Hieronder een korte samenvatting van zijn bevindingen. Opvoedvragen op bordje gemeente Hogere inkomens profiteren en lage inkomens betalen de rekening Wildgroei zorgaanbieders Bronnen: Foto: Cottonbro / Pexels
2. Inwoners, thuiszorgmedewerkers en anderen kunnen misstanden melden via een gemeenschappelijk meldpunt.
3. De controleurs onderzoeken meldingen én voeren zelf steekproefsgewijs controles uit — ook als er geen klacht is.
4. Als er iets niet klopt, grijpen ze in. Hoe hard, hangt af van hoe erg het is.
WMO: snelle, passende zorg en wie gaat dat betalen?
Doorlooptijden Wmo
Prioriteit voor snelle en passende zorg
Achterstand bij aanvragen Wmo
Stein moet bezuinigen
De kosten van het sociaal domein en dan met name Jeugdzorg en Wmo zijn fors gestegen. Het kabinet heeft dit een paar jaar geleden de gemeenten in de buik gespitst: zowel de zorg als de kosten. Landelijk komen de gemeenten maar liefst een miljard euro tekort!
En inderdaad: nu zijn de rapen gaar. De gemeente Stein moet 1,4 miljoen euro gaan bezuinigen en daarvan moet 840.000 euro bij het sociaal domein vandaan komen. In 2024 moeten de bezuinigingen maar liefst 2,6 miljoen euro opgeleverd hebben!
Desondanks is wethouder Huub Janssen niet bang dat het sociaal gezicht van de gemeente Stein gaat verdwijnen. "Dat is en blijft een stabiel fundament, want het gaat immers veelal om kwetsbare mensen. De pijn en de lasten worden zo veel mogelijk verdeeld"
Bezuinigingen binnen het sociaal domein waren niet toereikend om het dreigende miljoenentekort te voorkomen. Daarom werd ook beknibbeld op andere onderdelen, zoals muziekonderwijs, dorpsschouwen, verkeerseducatie en de bijdrage aan Monumentendag werd helemaal afgeschaft....In dat laatste geval ging om liefst 1000 euro per jaar...dat schiet lekker op richting 2.600.000 !
Volgens wethouder Natascha Wingelaar (DOS, economie) gaat men hooguit "de gouden randjes" wegbezuinigen. Iedereen gaat pijn voelen, maar niemand wordt écht hard geraakt. De woonlasten zullen amper stijgen. (Ik ben benieuwd wanneer de aanslag Onroerendgoed Belasting op de deurmat valt)
En in 2024 verwacht Wingelaar alweer een paar honderdduizend euro in de plus te eindigen: niet gigantisch ruim, maar wel stevig gezond. (Dus een beetje zoals de winterjas die burgemeester Marion Leurs aan het goede doel doneerde?)
Als je gaandeweg de rit ontdekt dat de Participatiewet wat betreft Jeugdzorg en Wmo de gemeentekas aan de rand van de afgrond brengt omdat te veel en vaak ook nog de "verkeerde" mensen een beroep op die wet doen, moet je tijdens het proces op de rem trappen en niet klakkeloos uitvoeren. Lijkt een beetje op de belastingdienst in de Toeslagenaffaire. Wet is wet, ook al zegt je gezond verstand iets anders.... Er bestaat ook nog zoiets als je eigen morele kompas.
Of anders gezegd: een piloot moet niet alleen op zijn meters kijken, maar ook eens naar buiten kijken en ook eens vragen hoe het met zijn passagiers gaat.
Wat betreft Jeugdzorg komt de stijging vooral voort uit de ambulante jeugdzorg: ouders worden uitgenodigd om met al hun opvoedvragen naar de gemeente te gaan. Sinds de invoering van de Jeugdwet in 2015 is het gebruik van jeugdhulp met 18,5 procent gestegen. Vorig jaar kregen bijna 424.000 jongeren jeugdhulp. Inmiddels ontvangt bijna een op de acht jongeren beneden 18 jaar jeugdhulp.
Een van de oorzaken van de forse stijging van de Wmo kosten is vooral de afschaffing van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo. Hiervoor is het kabinet-Rutte verantwoordelijk. Door de afschaffing van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage is het vooral voor midden- en hogere inkomens aantrekkelijk geworden om huishoudelijke hulp te vragen. Terecht klagen gemeenten over deze kabinetsmaatregel waar vooral de hogere inkomens van profiteren (en bij bezuinigingen door de kostenstijging de lage inkomens de rekening betalen).
En last-but-not-least: de wildgroei aan zorgaanbieders. Alle zorgaanbieders die dat willen kunnen een contract bij gemeenten krijgen. Maar daarna kunnen de gemeenten niet of nauwelijks toezicht houden op de noodzaak, kwaliteit en kosten van de zorg die deze aanbieders leveren. Daarvoor hebben gemeenten niet voldoende menskracht en ontbreekt het ook aan bestuurlijke kwaliteit en uitvoeringskwaliteit.
- Laatste update op .






























