Skip to main content

HISTORIE

Foto Kasteel Elsloo 1931© Nationaal Archief / Collectie Spaarnestad/ANP/Leeflang

Tussen Maas en Graetheide

Deel 5: Verandering in de wegen.

Met de uitvinding van het haam kwam bij het paard de druk op de borstkas te liggen en kon het land een stuk sneller geploegd worden. Maar daardoor konden ook zwaardere vrachten op grotere karren vervoerd worden, hetgeen zijn invloed had op de kwaliteit van de wegen. 

Later bij de opkomst van de steden zal ook de handel over de wegen toenemen en steeds meer per wagen met een as vervoerd worden. Dit stelde natuurlijk ook eisen aan het wegenstelsel. In eerste instantie zullen de oude bestaande wegen door de dorpen steeds meer aangepast en verbeterd worden. Uiteindelijk zullen langs de dorpen door het dan ontgonnen landschap nieuwe wegen de oude opvolgen. Van belang is ook dat voor de uitvinding van het haam men met vracht geen steile hellingen kon nemen. Daarom was het ook vaak noodzakelijk om grote omwegen te maken om hellingen te vermijden. De oudste wegen geschikt voor vrachtvervoer moet men dan ook in Zuid Limburg niet op de plateaus zoeken, maar in de omliggende dalen.

Om aan de andere kant van het plateau te komen, moest men dus vaak door rivieren en beekdalen waden om er te komen. Dat wil niet zeggen dat er over de plateau’s heen helemaal geen verbindingen liepen. Daar zullen zeker ook toen al afkortingen op de hoofdroutes hebben bestaan voor voetgangers en ruiters. Maar zolang deze bebost waren, waren die niet veilig. Men liep hier groot gevaar overvallen te worden. Vanwege het gevaar van overvallen gingen de handelaren ook veelal in konvooi over de hoofdroutes. Met name roofridders waren een plaag voor de handel.

In samenhang met de introductie van het haam -waardoor men de hellingen beter kon nemen- en de in gang gezette ontginningen plus samenhangend de stichtingen van nederzettingen, zullen ongetwijfeld het gebruik van de kortere wegen over de plateaus voor vrachten bevorderd hebben en uiteindelijk als hoofdweg zijn gaan dienen. Waar mogelijk zullen tevens de oude routes d.m.v aanpassingen zijn ingekort.
Zie ook: http://www.elsloo.info/cms/index.php/landschap-en-maas/86-deel-8-de-wegen

Tracés hoofdwegen waren veranderlijk.
De bevolking groeide en de behoefte aan grond groeide mee. Ook kwam na 1100 de handel weer op gang, steden begonnen te groeien waardoor er steeds meer vraag naar landbouwproducten en hout ontstond. Het merendeel van de hoofdstraten in de huidige oude kernen zijn niet de oudste straten maar dateren uit de jaren van groei.

Het dorpscentrum uit de stichtingsperiode langs de “oude weg” verschoof namelijk in de loop van de eeuwen van de “dalzijde” naar de “veldzijde”, waardoor de kerk, als vast gegeven, aan de buitenkant (de dalzijde) kwam te staan. De verschuivingen gebeurden door het maken van omleidingen (bypasses), vanuit de “Oude weg”. Ook kan het zijn dat de “Oude weg” via een grote nieuwe lus naar een beter voor bewoning geschikt gebied werd omgelegd en uiteindelijk de eigenlijke weg tussen het begin en einde van de lus verviel.
Een omleiding of afsnijding werd aangelegd vanwege een betere doorstroming van het verkeer door het dorp maar ook om een gunstiger plaats voor nieuwe bebouwing te creëren. Zo vermoeden we dat in Stein de Kruisstraat een omlegging van de “Oude weg” is vanuit het Maasdal over de helling vanaf het Keerend naar de kerk van Stein.

Men ontgon tussen 1100 en 1300 ook steeds meer land. De oudste landweren (veeweringen in de vorm van greppels) kwamen hierdoor in de akkers te liggen en verloren hun functie. Ze verdwenen echter niet, de landweren werden veldwegen. De oude wegen door de dorpen voldeden ook niet meer aan de behoefte van de tijd. Er moesten betere, rechtere wegen komen. We kunnen geen tijdstip aanduiden of wie het initiatief heeft genomen, maar wij hebben reden om aan te nemen dat vanaf Bunde de oude landweren op het plateau van Schimmert en het Graetheideplateau, die nagenoeg op een lijn achter de dorpen liepen, met tussenstukken aan elkaar werden gesloten en zo omgevormd werden tot “de Gemeyn Heirstraat leidende van Maestricht naer Roermond”.

In ons gebied liep de Gemeyn Heirstraat via de Eyskensweg, de Holstraat, de Catsopperstraat, de Heirstraat, Schoolstraat, Charles de Gavrestraat , Driekuilenweg (te Elsloo) de Krikelsveldweg, de Heerstraat Zuid en Noord, de Veestraat (te Stein), de Heirstraat (de oude Heerenweg) en de Molenweg ( te Urmond en Berg). Het was eigenlijk een belangrijke verbindingsweg die vanaf Susteren tussen de Graetheide en de Maas naar Maastricht liep. In Stein splitste zich hier een weg naar Beek af en (sinds de middeleeuwen) in Catsop, via de kapel, een weg over de Horst naar Valkenburg.

Afbeelding: Op deze kaart staan de belangrijkste middeleeuwse wegen in onze omgeving. Alleen klopt in detail de richting en ligging van e.e.a. niet. Toch menen we de volgende wegen te herkennen. In rood de “Oude weg”. In lila de Heirstraat van Bunde over Catsop naar Elsloo. In groen de Steinderweg (van Stein naar Beek). In paars de Maasbahne. In oranje de weg naar Born. Deze wegen zullen we afzonderlijk beschrijven.

 

Achter Stein was er een splitsing van de “Oude weg” in de weg naar Urmond . Een tak daalde de helling af om beneden in het dal het riviertje de Ur te volgen. De andere tak ging over de helling en daalde dan via de Bergstraat in Urmond weer af, draaide naar de kerk en voegde zich beneden bij de kerk weer samen met de tak door het dal.
De Beekstraat is eigenlijk een afkorting tussen beide takken. De tak door het dal liep vanaf de Ur langs de oude Maasarm (later het Bat) en na de samenvoeging met de tweede tak, verder onder of in de de helling van Holsberg en Schoor naar Berg. Dit gedeelte van de weg werd later door de Maas weggespoeld. Het is langs dit afgespoelde gedeelte van de “Oude weg” waar we ook het oudste Berg (toen nog niet aan de Maas !) moeten zoeken.
De Maas heeft echter ook hier de hellingen en wegen weggespoeld, waardoor zowel de wegen als de bebouwing landinwaarts zijn geschoven. In Berg kan dit de achtergrond van de Kerkstraat zijn.

In Stein splitste zich -met een bocht- een weg van de “Oude weg” af die, gezien de talrijke vondsten langs de weg, al in de Romeinse tijd bestaan moet hebben. Deze weg is het Keerend en in het verlengde ervan de Steinderweg. De verbinding van Stein met Beek en verder. Later zal het tracé van de “Oude weg” steeds meer aanpassingen krijgen, met name in de dorpskernen. De “Oude weg” zal langzaam met de erlangs gelegen bebouwing in de tijd oplossen.

Foto: uit collectie Streekmuseum Elsloo

Foto: Stein, het Keerend. Keer betekent: bocht, draai. Het Keerend begint ook met een bocht vanuit de Kruisstraat, een keer. De namen Keerstraat, Keerend etc komen in veel dorpen rond de Graetheide voor en worden ook uitgelegd als de weg die voerde naar de omheining rond het dorp, dus naar de veekering. Wij voelen hier, gezien de duidelijk aanwezige bocht, toch meer voor de afleiding van "keer" in de betekenis van bocht.

Stein, Kruisstraat ” Op de Hal” (Uit de collectie Streekmuseum Elsloo)


De Jodenstraat
De naam Jodenstraat in Elsloo kan afkomstig van de Joodse handelaren die zich over de weg verplaatsten (straat is overigens een aanduiding voor een geplaveide weg en duidt op zich al op een zeker belang). In hoeverre de “Oude weg” een belang heeft gehad in de handel weten we niet. Het verkeer moet toch van enige omvang zijn geweest, aangezien in Stein er een gasthuis heeft bestaan. Een gasthuis is niet alleen een aanduiding voor een verpleegtehuis maar ook voor een opvang voor reizigers.

Naar de Jodenstraat zal men in Elsloo overigens nu tevergeefs zoeken. Deze straat lag op de Scharberg tussen de grote Scharbergbrug en het kasteel in de Maas. Dit was de hoofdstraat van het middeleeuwse Elsloo, reeds bewoond in de Romeinse tijd ! Ter plaatse lopen nu over de hele linie de Maas en het Julianakanaal. Vlak bij de Scharbergbrug lag in het dal ook de Scharmolen, de banmolen van Elsloo. De Maas heeft hier alle sporen uitgewist.

Foto Guus Peters

Foto:
De Maas bij Elsloo. Op de plaats van de rivier lagen ooit kasteel, kerk, watermolen en de Jodenstraat. Ook kende het dorp toen aanzienlijke bebouwing tussen het huidige en toenmalige kasteel beneden de helling. Wegen die in Zuid Limburg de naam Trichterweg dragen waren de belangrijkste wegen naar Maastricht in de periode (voor 1500) dat deze stad nog eenvoudigweg Tricht werd genoemd.

Laat reactieformulier zien