
AOW plannen en het nieuwe pensioenstelsel
- Afbeeldingen ©: rawpixel.com
Eerste test een zware dobber voor Dilan Yesilgöz (VVD), Henri Bontenbal (CDA) en Rob Jetten (D66)
Het aankomende minderheidskabinet van D66, VVD en CDA onder leiding van Rob Jetten heeft op dinsdag 3 februari zijn eerste politieke vuurdoop gehad. Centraal stond het plan om de AOW-leeftijd vanaf 2033 weer te laten meestijgen met de levensverwachting. Dat voorstel zorgt voor veel onrust in de Tweede Kamer, omdat eerder juist was afgesproken dat de AOW minder snel zou stijgen.
De oppositie liet zich stevig horen. Jesse Klaver (GroenLinks-PvdA) sprak van het breken van afspraken en probeerde met een motie het AOW-plan van tafel te krijgen. Die kreeg brede steun, maar net geen meerderheid. Daarmee overleeft het plan voorlopig, al is het draagvlak broos.
Ook Jimmy Dijk (SP) uitte felle kritiek. Hij vindt dat vooral mensen met zware beroepen de rekening betalen en noemde het plan "sociale kaalslag". Volgens hem wordt opnieuw bezuinigd op mensen die het werk fysiek niet tot hun 70ste kunnen volhouden. Dijk: "Hierdoor zullen buschauffeurs en schoonmakers misschien niet eens hun pensioen halen'. Hij noemt het een akkoord 'voor welgesteld Nederland' want die zijn door hun riante pensioenregelingen en/of vermogen niet afhankelijk van de AOW.
ChristenUnie-leider Mirjam Bikker toonde zich kritisch maar gematigder. Zij waarschuwde dat het kabinet te snel voorbijgaat aan eerdere afspraken met vakbonden en werkgevers. De CU wil vooral meer bescherming voor mensen met zwaar werk en noemt zorgvuldigheid belangrijker dan haast. Geert Wilders (PVV) gebruikte het debat vooral om het nieuwe kabinet politiek aan te vallen. Hij noemde de plannen onacceptabel voor gewone Nederlanders en diende zelfs een motie in om het kabinet-Jetten niet te laten beëdigen. Die motie werd vooral met hoongelach ontvangen en haalde het niet. Omdat D66, VVD en CDA samen slechts 66 zetels hebben, blijft het kabinet afhankelijk van steun uit de oppositie. Dat bleek ook uit het debat. Wel werd Rob Jetten aangewezen als formateur. Naar verwachting staat zijn kabinet later deze maand op het bordes, maar duidelijk is dat het regeren met een minderheid geen eenvoudige klus wordt. Op 1 januari 2028 moeten werkgevers, pensioenverzekeraars en pensioenfondsen zijn overgestapt naar het nieuwe pensioenstelsel. Het nieuwe pensioenstelsel moet eerlijker, persoonlijker en transparanter worden. Om te voorkomen dat dit nadelig uitpakt, zijn er een aantal vragen die je kunt stellen aan je werkgever. Wat verandert er? Daarnaast wordt er niet meer gewerkt met een progressieve inleg, wat inhoudt dat de inleg voor je pensioen toeneemt naarmate je ouder wordt. Dit verandert in een vast percentage ongeacht je leeftijd. Waardoor elke werknemer binnen hetzelfde bedrijf een gelijk percentage aan pensioen betaalt. Maar dit kan nadelig uitpakken voor oudere werknemers. Nieuw Pensioenstelsel
In het nieuwe stelsel wordt gewerkt met individuele pensioenpotjes in plaats van één grote pot. Om deze reden word je pensioen persoonlijker en beweeglijker. Werknemers blijven tegenwoordig namelijk niet meer hun hele werkzame leven bij slechts één werkgever.
- Laatste update op .






























