Terug naar hoofdinhoud

HISTORIE

vergeten groenten en gerechten

Vergeten Hollandse kost: wat stond er vroeger op tafel?

  • Afbeeldingen ©: ChatGPT
  • De Nederlandse keuken zit vol herinneringen. Aan sudderende pannen op het fornuis, de geur van gebakken spek en gestoofd vlees en groenten die soms nét iets te lang hadden gekookt. In de jaren 50, 60 en 70 veranderde ons eetpatroon echter razendsnel. De eenvoudige Hollandse pot kreeg gezelschap van blikvoer, pakjes en zakjes en uiteindelijk ook van macaroni, bami, fondue en andere buitenlandse gerechten.

    Veel gerechten die destijds heel gewoon waren, zijn inmiddels vrijwel verdwenen. En ook de boodschappen zagen er heel anders uit. 

Jaren 50: aardappelen, groente en een beetje vlees

In de jaren 50 was eten vooral praktisch, voedzaam en niet te duur. De warme maaltijd bestond meestal uit aardappelen, gekookte groente en een bescheiden stukje vlees met jus. Er zat vaak een vast patroon in de week. Maandag was bijvoorbeeld kliekjesdag en in katholieke gezinnen stond vrijdag vis op het menu.

Een groter of luxer stuk vlees was eerder iets voor de zondag. Als nagerecht verscheen pap op tafel: havermoutpap, griesmeelpap of karnemelkse pap.

Ook aten we producten die tegenwoordig veel minder geliefd zijn: balkenbrij en ander orgaan- en slachtvlees, schorseneren, koolraap en allerlei koolsoorten. Groenten werden lang gekookt en niet zelden voorzien van een wit sausje.

De moostem

Heel veel mensen hadden een eigen groentetuin.In het Limburgs een "kwallef" of "moostem" verbasteringen van koolhof en moestuin. En die kolen stonden er rijkelijk in alle soorten en maten: boerenkool, savooie, spruiten, rode en witte  kool. Daarnaast aardappelen, wortelen, tomaten, sla, bloemkool, uien, sperciebonen, peultjes en vast en zeker nog andere die ik vergeet. Ook stonden er meestal nog wat bessenstruiken en pruimenbomen. Vaak was er ook nog een kippenren en een schuurtje met wat konijnen; voor de slacht...niet om te knuffelen.
Een groot deel van de oogst werd ingemaakt zodat er in het najaar en winter ook nog wat smaakvolle afwisseling was.

Jaren 60: het pakje en blikje verovert de keuken

In de jaren 60 steeg de welvaart en kwam in steeds meer huishoudens een koelkast. Tegelijkertijd verschenen allerlei nieuwe gemaksproducten. Groenten uit blik en glas werden populair en golden toen niet als minderwaardig, maar juist als modern.

Daar hoorden merknamen bij die veel mensen nog zullen herkennen. Wie herinnert zich Saroma nog? Poeder bij koude melk, even kloppen en de pudding was klaar. Banaan, aardbei en karamel behoorden tot de bekende smaken. Of Tjolk, het populaire zuiveldrankje uit de jaren 70 met vrolijke dieren op de verpakking en smaken als chocolade, banaan, aardbei en meloen. En het kleine potje Buisman gaf de koffie wat meer pit.

Ook frisdrank werd gewoner. Exota kwam in grote flessen met beugeldop en bevatte zoveel koolzuur dat ie in je neus prikte; vandaar ook de naam "prikkellimonade". Het merk Ranja was zo bekend dat ranja uiteindelijk bijna een algemene benaming voor limonadesiroop werd.

De frituurpan begon eveneens aan zijn opmars. Patat en kroketten werden voor veel gezinnen een zaterdagavondtraditie en ook chips verscheen steeds vaker in huis. In de eerste zakjes chips zat het zout apart in een papiertje; toen had je nog de keuze met of zonder...

Macaroni, maar dan op z'n Hollands

Buitenlandse gerechten begonnen voorzichtig de Nederlandse keuken binnen te komen. Macaroni, nasi en bami waren nieuw en spannend, maar werden aanvankelijk aangepast aan onze eigen smaak. Een mooi voorbeeld daarvan is macaroni met Smac. Het vlees kwam uit een rechthoekig blikje dat met een speciaal sleuteltje werd geopend. De Smac werd in blokjes gesneden en door de macaroni gedaan.

Ook nasi werd steeds bekender. De opkomst van kant-en-klare en halfbereide maaltijden maakte gerechten die vroeger exotisch leken bereikbaar voor vrijwel ieder huishouden. Koen Visser was een bekend merk van nasi en bami in blik.

Jaren 70: fonduen en naar de Chinees

In de jaren 70 werd de Nederlandse keuken een stuk avontuurlijker. Mensen gingen vaker op vakantie en maakten kennis met andere keukens. Het Chinees-Indische restaurant werd een begrip. Op zondag Chinees halen – met bijvoorbeeld babi pangang en foe yong hai – werd voor veel gezinnen een uitje.

Ook fonduen en gourmetten werden populair. Eten werd daarmee een avondvullende sociale bezigheid. Stokbrood en kruidenboter hoorden erbij. Franse invloeden verschenen eveneens op tafel in de vorm van hartige taarten en quiches.

En wie in de jaren 70 op een verjaardag kwam, kon rekenen op een heel ander assortiment hapjes dan tegenwoordig: blokjes jonge kaas met een zilveruitje, gevulde eieren en combinaties met mandarijntjes uit blik en leverworst.

Ook het Russisch ei hoorde bij die tijd: een rijk versierde schaal met onder meer huzarensalade, ham, augurk, hardgekookte eieren en flink wat mayonaise.

Wat wordt de volgende vergeten kost?

Er is ook een groep gerechten die nog niet verdwenen is, maar wel steeds minder vaak op tafel lijkt te komen. Vooral de oudere generatie kent ze nog als heel gewone dagelijkse kost. Voor jongere generaties zijn sommige van deze gerechten of groenten al een stuk minder vanzelfsprekend.

Denk vooral aan veel stevige kost, al dan niet als stampot. Zoals boerenkool en worst, zuurkool met rookworst, hutspot oftewel wortelstampot met spek, andijviestamppot, schorseneren, pastinaak, snijbieten, rammenas, savooiekool en (gele) koolraap. Gerechten die jarenlang tot het vaste wintermenu van Nederlandse gezinnen behoorden.

En dan zijn er nog combinaties die nu heel normaal zijn, maar misschien ook verdwijnen: bloemkool met een papje, witlof uit de oven met ham en kaas, prei met aardappelen en een gehaktbal, gekookte aardappelen met spinazie en een ei, of simpelweg aardappelen, groente, vlees en een flinke lepel jus.

Van blote billetjes tot hete bliksem

Wie kent bijvoorbeeld nog 'blote billetjes in het gras'? Een stamppot van witte bonen en snijbonen, meestal geserveerd met spek of worst. Of 'hete bliksem' waarin aardappelen en appels samen tot een verrassend zoete stamppot worden verwerkt.

Ook 'kapucijners met spek en uien' waren ooit heel gewone kost. Net als 'bruine bonen met spek', 'karnemelkse pap', 'griesmeelpudding' en 'hangop'. En op veel tafels verscheen regelmatig draadjesvlees dat urenlang had staan sudderen.

Nog wat verder terug in de tijd komen gerechten als 'watergruwel', een nagerecht van gort, krenten, rozijnen en bessensap.

Gerechten om opnieuw te ontdekken

Een kleine greep uit de bijna vergeten Hollandse keuken:

* Blote billetjes in het gras – stamppot van witte bonen en snijbonen
* Hete bliksem – aardappelen met zoete en zure appels
* Kapucijners met spek en gebakken uien
* Bruine bonen met spek
* Draadjesvlees met aardappelen en jus
* Balkenbrij – gebakken plakken van gemalen restanten varkensvlees, lever, spek, meel en kruiden
* Bloedworst - varkensbloed, slachtrestanten, spek, kruiden
* Watergruwel – gort met bessensap, krenten en rozijnen
* Karnemelkse pap
* Griesmeelpudding met bessensaus
* Hangop met suiker of fruit

Van dagelijkse kost naar culinair erfgoed

Opvallend is dat veel van deze gerechten precies passen bij wat tegenwoordig weer belangrijk wordt gevonden: seizoensproducten, ingrediënten uit de eigen omgeving, weinig verspilling en betaalbaar eten. Onze grootouders noemden dat geen duurzame keuken. Het was gewoon eten wat er beschikbaar was.

Misschien waren het niet allemaal culinaire hoogstandjes. Maar ze vertellen wel iets over hoe generaties voor ons kookten: eenvoudig, zuinig en met producten van het seizoen.

Wie weet worden boerenkool, koolraap en savooiekool over enkele tientallen jaren wel beschouwd als culinair erfgoed. Reden genoeg om ze nu af en toe gewoon weer op tafel te zetten.

En soms blijkt zo'n vergeten gerecht bij hernieuwde kennismaking verrassend lekker. 

 elsloo chatgpt vergeten merken

Reclames die bleven hangen

Bij al die producten hoorde reclame. Radio, tijdschriften en later de Ster-reclame op televisie zorgden ervoor dat merknamen en reclamekreten in het geheugen bleven hangen. Bijvoorbeeld ,,Exota, de koning onder de limonades!” en voor Zeeuws Meisje het onvergetelijke „Geen cent te veel, hoor!”

De merken verkochten daarmee meer dan eten en drinken. Ze verkochten ook het idee van vooruitgang: sneller koken, nieuwe smaken proberen en moderne producten in huis halen.

En waar kochten we dat allemaal?

 Ook boodschappen doen zag er compleet anders uit. De kruidenier op de hoek kreeg in de jaren 50 en 60 steeds meer concurrentie van zelfbedieningswinkels en de eerste supermarkten.

Namen als De Gruyter, Simon de Wit en Albino waren ooit overal bekend. Later kwamen onder meer Edah, Torro, Grosmarkt en Miro. Veel van deze winkelketens zijn door fusies, overnames of faillissementen uiteindelijk verdwenen.

De winkel van mijn ouders (groente, fruit, levensmiddelen, lees meer ) aan het Dorine Verschureplein 16 in Elsloo kreeg het gros van de levensmiddelen (tot hun pensioen in 1987) geleverd door de inkooporganisatie A&O van de familie Van Eerd. Juist ja, nu eigenaren van Jumbo

En dan was er natuurlijk de SRV-wagen. Vanaf de jaren 60 reed deze rijdende supermarkt door de woonwijken. Melk, brood en andere dagelijkse boodschappen konden letterlijk voor de deur worden gekocht.

Laat reactieformulier zien
Deel dit bericht⇢